de inspecteur baseert zijn standpunt op de voorwaarden die verbonden zijn aan de aftrek van een periodieke gift. meer specifiek aan de voorwaarde dat voorafgaand aan een periodieke gift in een schriftelijke overeenkomst moet zijn bepaald dat de gift verplicht minimaal 5 jaar moet worden gedaan. de gekozen formulering ‘gebruikelijk’ in de overeenkomst met het museum, is volgens hem te vrijblijvend en voldoet daarom niet aan deze voorwaarde. rechtbank zeeland-west-brabant gaat hierin mee. dat de man en de vrouw feitelijk wel langer dan 5 jaar de gift aan het museum hebben gedaan, maakt dit oordeel niet anders. doorslaggevend is de verplichting op het moment dat de overeenkomst is aangegaan.
tip
heb je klanten die gebruik wensen te maken van het voordeel van de periodieke giftenaftrek (geen drempel)? attendeer hen dan op de voorwaarden die hieraan verbonden zijn. in een overeenkomst moet zijn vastgelegd dat dezelfde gift ten minste vijf jaar lang jaarlijks aan dezelfde anbi (of kwalificerende vereniging) wordt gedaan. ook ligt daarin vast wanneer de jaarlijkse gift stopt.