als de twee prestaties samen niet één prestatie kunnen vormen, is de verlegde btw voor de fe een kostenpost, omdat zij als vrijgestelde verzekeraar de btw niet in aftrek kan brengen. twee prestaties kunnen samen voor de btw één prestatie vormen doordat de ene prestatie als bijkomende prestatie opgaat in de hoofdprestatie (i.c. de verzekeringsdienst) of waarbij er economisch sprake is van een ondeelbare prestatie. in deze casus vraagt de rechtbank zich af of twee prestaties samen ook één prestatie kunnen zijn als die prestaties worden verricht door twee verschillende dienstverrichters (fe en de buitenlandse schaderegelaar) aan twee verschillende afnemers (de verzekeringnemer respectievelijk de fe). in een binnenlandse situatie speelt dit niet, omdat de fe (een verzekeraar) de schade dan zelf afhandelt.
relevantie voor de praktijk
mocht de hoge raad het mogelijk achten dat twee verschillende ondernemers samen één prestatie verrichten, dan zou dat ook gevolgen kunnen hebben voor andere samenwerkende ondernemers die samen een product of dienst op de markt brengen.