Volgens de Hoge Raad ontbreekt het directe verband met het ter beschikking stellen van een hoofdsom. Hiermee komt de Hoge Raad tot een ander oordeel dan Hof Den Haag in deze zaak (ECLI:NL:GHDHA:2016:4215), dat de aftrek van de renteswaps wel toestond. Het hof achtte het onderlinge verband en de samenhang tussen de eigenwoningschuld en de swapÂovereenkomsten wel voldoende om de aftrek toe te staan. Maar Hof Amsterdam (ECLI:NL:GHAMS;2017:174) wees de aftrek in een andere zaak weer af.
En zo verschillen de hoven – net als in de procedures bij de rechtbanken – van mening over de aftrekbaarheid van renteswaps als rente en kosten van de eigen woning.
Eindoordeel en standpunt Belastingdienst
Dit verlossende oordeel van de Hoge Raad maakt een einde aan alle onduidelijkheid. Het oordeel komt overeen met het standpunt van de Belastingdienst ten aanzien van de aftrekbaarheid van renteswaps. De Belastingdienst wijst die aftrek af, omdat een renteswap een apart product is. De rechten en verplichtingen die eruit voortvloeien, zijn volgens de Belastingdienst niet aan te merken als rente en kosten van een eigenwoningschuld. Een swapovereenkomst wordt niet aangegaan om een woning te verwerven, maar om een renterisico af te dekken. Een (eventuele) samenhang tussen de renteswap en de eigenwoningschuld maakt dit niet anders.