De man en de vrouw zijn door de swap jaarlijks een vast rente verschuldigd van 4,8%, ongeacht de ontwikkeling van de variabele rente op de leningen. De vaste rente is aan te merken als eigenwoningrente.
Deze uitspraak dateert van 7 september 2016, maar is pas op 2 februari 2017 gepubliceerd. De uitspraak is dus gedaan voordat de brief van 15 november 2016 van staatssecretaris Wiebes verscheen, waarin hij het standpunt van de Belastingdienst ten aanzien van de aftrekbaarheid van renteswaps openbaar maakte. De Belastingdienst wijst die aftrek af, omdat een renteswap een apart product is. De rechten en verplichtingen die eruit voortvloeien zijn volgens de Belastingdienst niet aan te merken als rente en kosten van een eigenwoningschuld.
Doel swapovereenkomst
Een swapovereenkomst wordt niet aangegaan om een woning te verwerven maar om een renterisico af te dekken. Een (eventuele) samenhang tussen de renteswap en de eigenwoningschuld verandert dit standpunt niet. Het zal u dan ook niet verbazen dat inmiddels cassatie is ingesteld tegen deze uitspraak van Hof Den Haag.
Hof Amsterdam volgt de staatssecretaris
Opvallend is dat Hof Amsterdam in een uitspraak van 10 januari 2017 (gepubliceerd 8 februari 2017), ECLI:NL:GHAMS;2017:174 de aftrek van de renteswap wel afwijst. In tegenstelling tot het standpunt van de Belastingdienst acht het hof de (eventuele) samenhang tussen de renteswap en de eigenwoningschuld wel degelijk van belang. Dit hof wijst de aftrek van de renteswap af, omdat tussen de eigenwoningschuld met een variabele rente en de renteswapovereenkomst met een vaste rente geen zodanige samenhang bestond dat zij als één geheel konden worden aangemerkt. Volgens het hof was het niet aannemelijk dat de partijen bij het aangaan van de overeenkomst de intentie hadden om met de renteswapovereenkomst het renterisico van de eigenwoningschuld af te dekken.
Commentaar
Net als bij de procedures bij de rechtbanken verschillen ook de gerechtshoven van mening over de aftrekbaarheid van renteswaps als rente en kosten van de eigen woning. De Hoge Raad mag nu het verlossende eindoordeel geven in de zaak tegen de uitspraak van Hof Den Haag.