de woningcorporatie meent dat van het uitgangspunt van de hoge raad moet worden afgeweken, omdat er sprake zou zijn van een situatie zoals in het warenhuisarrest uit 1993. zij maakt echter niet aannemelijk dat de gesloopte woningen voorafgaand aan de sloop geen waarde meer hadden, omdat zij in de bedrijfsvoering versleten waren. ook acht het hof niet aannemelijk dat de sloopwoningen zijn vervangen door functioneel gelijke bedrijfsmiddelen (de nieuwe woningen). de nieuwe woningen zijn namelijk niet alleen sociale huurwoningen, maar ook duurdere huurwoningen en koopwoningen. die hebben een andere bedrijfsfunctie dan de sociale huurwoningen.