een voorbeeld om toe te lichten hoe een hogere bevoorschotting van debiteuren uitwerkt in cijfers. stel, een onderneming heeft een debiteurensaldo van € 200.000. op basis van het onderpand (bevoorschotting) financiert de bank de onderneming met een rekening-courantkrediet van € 100.000. neem aan dat er door middel van factoring 85% voorschot kan worden verkregen (afhankelijk per partij). in dat geval kun je op basis van een debiteurensaldo van € 200.000 een extra € 70.000 vrijmaken aan werkkapitaal. deze gelden kunnen worden aangewend voor groei, investeringen, overnamefinanciering, etc.
dan ontstaat de volgende vraag: wil je de hele omzet ‘factoren’ en de debiteuren in pandrecht geven, of verkoop je de factuur liever om een deel van de omzet te ‘factoren’? er bestaan verschillende oplossingen: als je de debiteuren in pandrecht geeft aan een factormaatschappij, conflicteert dit vaak met afgesproken pandrechten van de bank. dit zul je dus van tevoren goed moeten afstemmen. op die manier hoeft het verkopen van een factuur niet in conflict te komen met de bank. de betaling van de factuur vindt ook rechtstreeks plaats op de rekening van de klant en de bank houdt het pandrecht.

extra liquiditeitsruimte
factoring biedt in veel gevallen extra liquiditeitsruimte. wel liggen de kosten van factoring in de regel wel hoger dan een debetrente van een rekening-courantfaciliteit. de prijs van geld is vaak een motief om factoring links te laten liggen als financieringsoplossing. je zult altijd voor ogen moeten houden dat geld een middel is om een (investerings)doel te bereiken. extra liquiditeiten faciliteren bijvoorbeeld groei en een verbeterde rentabiliteit. het is dan te kortzichtig om enkel naar de kosten te kijken. benieuwd of jouw klantcasus ook geschikt is voor een factoringoplossing? neem voor meer informatie contact op met ard dekker (a.dekker@fiscount.nl) of bel naar (06) 51717664.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief