lees meer

de centrale raad van beroep oordeelde dat deze voorwaarde in strijd is met het evenredigheidsbeginsel, omdat de financiële druk door de aanhoudende pandemie zwaarder woog dan de noodzaak van een snel uitvoerbare regeling. het uwv werd daarom opgedragen een nieuwe beslissing te nemen en om het derde kwartaal van 2020 als referentieperiode te gebruiken.

relevantie
dit oordeel is ook relevant voor andere startende ondernemers. de raad concludeerde namelijk dat de now 3-regeling geen adequate voorziening bevat voor ondernemers die:

  1. na februari 2020 begonnen zijn; en
  2. daarom niet voldoen aan de omzetvoorwaarde, maar wel door de pandemie geraakt werden.

de regeling schendt daarmee artikel 3:4, tweede lid, van de algemene wet bestuursrecht (awb), waardoor het uwv de referentieomzet in dergelijke gevallen buiten toepassing moet laten.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief