De inspecteur had aangevoerd dat 70% van de oudere dames dergelijke producten gebruikt. De rechtbank oordeelde dat deze (overigens niet onderbouwde) stelling er niet aan af doet dat voldaan wordt aan de vereisten die artikel 6.17 Wet IB 2001 stelt aan uitgaven voor een ander hulpmiddel.

Met betrekking tot de latex handschoenen oordeelde de rechtbank anders. De rechtbank acht weliswaar aannemelijk dat de vrouw de latex handschoenen omwille van medische omstandigheden heeft aangeschaft, maar dit wil nog niet zeggen dat de handschoenen van zodanige aard zijn dat zij – in het algemeen – hoofdzakelijk door zieke of invalide personen worden gebruikt.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief