andere belangrijke aangenomen amendementen bij het belastingpakket 2024 zijn:
- de indexatiefactor wordt verder verlaagd van 1,0961 naar 1,09494.
- vanaf 2025 vervalt de inkoopfaciliteit in de dividendbelasting, waardoor inkoop van eigen aandelen wordt belast als dividenduitkering.
- verdere versobering van de 30%-regeling.
- afschaffing van de inkomensafhankelijke combinatiekorting (iack) wordt uitgesteld naar 2027 en er wordt een afbouw van de iack in negen stappen ingevoerd voor alle ouders die op basis van hun inkomens- en gezinssituatie recht hebben op iack, inclusief de ouders van kinderen die na 31 december 2024 worden geboren. de iack zal op 1 januari 2035 uitgefaseerd zijn.
- invoering van inzagerecht op verzoek in zijn/haar fiscale dossier voor belastingplichtige of inhoudingsplichtige. een besluit op een verzoek is een voor bezwaar vatbare beslissing, waartegen bezwaar- en beroep openstaan.
- de vanaf 1 juli 2023 geldende accijnsverhoging voor benzine, diesel en lpg wordt met 1 jaar verlengd en de reguliere indexatie per 1 januari 2024 wordt niet doorgevoerd.
- verhoging van de bor-vrijstelling boven € 1,5 miljoen (2023: € 1,2 miljoen) per 1 januari 2025 van 70% naar 75% (nu: 83%) van het ondernemingsvermogen.
- vanaf 2025 vervalt in de bor de voorwaarde van ‘ten minste 0,5%’ voor situaties waarin de verkrijger een bloed- of aanverwant in de neergaande lijn is van een rechtsvoorganger die een indirect aanmerkelijk belang hield in dat andere lichaam.
- ter dekking van de voorgaande maatregel wordt vanaf 2025 de vrijstelling groene beleggingen verlaagd met € 30.000 per belastingplichtige (fiscale partners: € 60.000)
- de terbeschikkingstelling van landbouwgrond in het kader van voor teelten noodzakelijke vruchtwisseling op grond van een pachtovereenkomst is uitgezonderd van de maatregel in de bor en dsr ab voor aan derden verhuurd vastgoed. om hieraan te voldoen wordt onder meer de voorwaarde gesteld dat de teeltpachtovereenkomst moet zijn geregistreerd bij de grondkamer. deze voorwaarde is vervallen.
- de maatregelen om de no-cure-no pay-praktijk in woz en bpm-procedures tegen te gaan wordt uitgebreid naar procedures over verkeersboetes.