de box-3-heffing is bedoeld als een belasting naar het inkomen. de rechtbank stelt echter vast dat het echtpaar in 2018 en 2019 vanwege hun lage inkomsten heeft moeten interen op hun vermogen om de verschuldigde inkomstenbelasting te kunnen betalen. in 2017 is de ontvangen rente iets hoger dan de verschuldigde ib. daarin speelt de toepassing van de algemene heffingskorting een belangrijke rol. deze heffingskorting is bedoeld om een minimuminkomen onbelast te houden. de rechtbank vindt daarom dat dit inkomen buiten beschouwing moet worden gelaten bij de beoordeling of het echtpaar heeft moeten interen op hun vermogen. het echtpaar heeft in de jaren 2017 tot en met 2019 moeten interen op hun vermogen, waardoor de box-3-heffing voor hen in al die jaren een individuele en buitensporige last vormt. daarmee is de heffing in strijd met artikel 1 eerste protocol van het evrm. de rechtbank stelt het belastbaar inkomen uit box 3 schattenderwijs naar beneden bij, rekening houdend met de werkelijk ontvangen rente.

 

 

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief