rechtbank noord-nederland stelt vast dat de bv en de exploitant steeds de bedoeling hebben gehad om de appartementen te gebruiken voor belaste short-stayverhuur. de huurovereenkomst moet worden uitgelegd naar de bedoeling van partijen en niet uitsluitend taalkundig (haviltex-arrest). de huurovereenkomst met de exploitant staat weliswaar langdurige verhuur toe, maar uit de omstandigheden blijkt dat dit niet de bedoeling is van partijen. die omstandigheden zijn:

  • het inschakelen van een exploitant die gespecialiseerd is in short-stay-verhuur;
  • de short-stayvergunning van de gemeente;
  • een brief van de bv aan de exploitant kort na de start van de verhuur met het uitdrukkelijke verzoek om toe te zien op het voldoen aan de eisen van de gemeente;
  • de reserveringslijsten waaruit blijkt dat de appartementen nooit langer dan 6 maanden worden verhuurd.

dat voor de extra appartementen om economische redenen pas later een vergunning is aangevraagd, staat niet in de weg dat het steeds de bedoeling was om te verhuren in het kader van short-stay. de bv heeft recht op aftrek van de btw op alle verbouwingskosten.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief