de verlengde navorderingstermijn van artikel 66, lid 4 sw dient ertoe om in buitenlandsituaties belastingfraude te bestrijden en om doeltreffende fiscale controles te waarborgen. volgens de rechtbank is in deze zaak geen sprake van strijd met artikel 1 ep evrm. de rechtbank verwijst hiervoor naar de uitspraak van de hoge raad van 6 augustus 2021, met grenzen waarbinnen het gebruik van een verlengde navorderingstermijn toelaatbaar is. daaraan is in deze zaak voldaan. de inspecteur heeft de verlengde navorderingstermijn niet gebruikt op een wijze die verder gaat dan noodzakelijk is, om de hiervoor genoemde doelen te bereiken.

ook heeft bij voldoende voortvarend gehandeld. er zijn regelmatig contactmomenten tussen de dochter en de inspecteur geweest. daarbij is geen enkele pauze ontstaan, die langer heeft geduurd dan zes maanden.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief