volgens de bedrijfsarts had de werkneemster ondanks haar covid-klachten langzaamaan wel steeds meer kunnen werken. net als bij het hof, beschuldigden de werkneemster en werkgever (erasmus mc) elkaar ook bij de kantonrechter van ernstig verwijtbaar gedrag. volgens werkneemster had erasmus niet mogen blijven aandringen op werkhervatting en haar loondoorbetaling niet mogen stopzetten, want juist erasmus was goed bekend met de covid-problematiek en de klachten daarbij. dat ze daardoor vervolgens in financiële problemen kwam, acht zij ernstig verwijtbaar. het hof ziet dat blijkens de uitspraak anders: net als elke andere werkgever mag ook een medisch geschoold werkgever afgaan op adviezen van de bedrijfsarts, waarop erasmus zich dus mocht beroepen. 

geen ernstige verwijtbaarheid
de werkneemster zou zich volgens erasmus ernstig verwijtbaar hebben gedragen door te weigeren werkzaamheden te verrichten en niet in te gaan op een mediationvoorstel. volgens het hof werd daarbij echter de hoge drempel van ernstige verwijtbaarheid niet gehaald. het hof merkt nog op dat de toekenning van een iva-uitkering achteraf werkneemsters stelling niet kan rechtvaardigen dat zij niet hoefde mee te werken aan haar re-integratieverplichtingen. daarvoor verschilt de wia-toets te veel van die waarbij door de bedrijfsarts beoordeeld wordt of een werknemer nog werkzaamheden kan verrichten.

jurist en trainer arbeidsrecht frank troost is werkzaam voor fiscount en adviseert en begeleidt werkgevers en werknemers arbeidsrechtelijk bij ziekte en arbeidsongeschiktheid. hij is bereikbaar via f.troost@fiscount.nl of via
038 – 45 61 900.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief