In de NBBU-cao van 30 december 2019 tot 1 juni 2021 was er geen regeling onwerkbaar weer. Oók niet via een verwijzing naar de cao Bouw & Infra waarin de regeling wel was opgenomen. Het UWV wees daarom de WW-aanvraag af. Gevolg? De werkgever moet zelf het loon doorbetalen. Maar de werkgever verwijst naar de informatie op de website van het UWV, waardoor hij erop mocht vertrouwen dat hij er toch recht op had. De werkgever deed vervolgens een beroep op het vertrouwensbeginsel.
Onderzoek en belangenafweging
De rechter onderzoekt of er door het UWV uitspraken zijn gedaan of gedragingen zijn verricht waaruit de werkgever redelijkerwijs kon afleiden hoe het UWV in haar geval zou handelen. Die moeten door een bevoegde medewerker (van de juiste afdeling) zijn gedaan en daardoor toerekenbaar zijn. Is daaraan voldaan? Dan spreek je van een gerechtvaardigde verwachting vanuit de werkgever.
De Centrale Raad van Beroep (CRvB) eist vervolgens een belangenafweging tussen alle relevante belangen. Denk aan: het algemeen belang, belangen van derden, en de ontstane schade op basis van de gerechtvaardigde gewekte verwachting. De CRvB bevestigt dat er door de informatie op de website een gerechtvaardigde verwachting was ontstaan. Het UWV beroept zich in reactie daarop tevergeefs op haar disclaimer (zie rov 9.6).
Bij de belangenafweging komt naar voren dat de werkgever destijds andere keuzes zou hebben gemaakt als hij toen wist dat de informatie op de website onjuist was. Dan zou hij de medewerkers bij een andere werkgever hebben geprobeerd te plaatsen. Of hij zou hebben geprobeerd met de medewerkers af te spreken dat ze vrije dagen zouden opnemen. Destijds genomen besluiten zijn onomkeerbaar, waardoor hij aanzienlijke schade lijdt. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt. De CRvB kent de WW-uitkeringen toe.
Heb je vragen over werknemersverzekeringen, ziekte of arbeidsongeschiktheid? Neem dan contact op met mr. Joyce B.E. Paashuis via j.paashuis@fiscount.nl.