Tijdens de re-integratie hebben partijen geprobeerd om de medewerkster terug te laten keren naar kantoor. Het is gelukt tot een schamele 2 uur per week (!), wat haar uiteindelijk erg zwaar viel. Thuis kan zij al haar uren werken, maar de werkgever weigert thuiswerken voor 100% structureel toe te staan na 104 weken en eist dat ze haar werk op kantoor verricht. De werkgever hecht namelijk veel waarde aan de fysieke aanwezigheid op kantoor. Zonder dat werkgever het goed beseft, betekent deze hardnekkigheid/keuze dat het UWV de re-integratie onvoldoende vindt. Was de werkgever wel meegegaan in het – structureel – laten thuiswerken na 104 weken, dan was er geen loonsanctie opgelegd. De werkgever legt zich hier niet bij neer en komt uiteindelijk uit bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB).
De Centrale Raad van Beroep
De CRvB sluit zich geheel aan bij het UWV-besluit. Doordat de werkgever het thuiswerken niet structureel aanbiedt, zou het dienstverband na de wachttijd eindigen. Daar kan de CRvB zich niet in vinden. Bovendien had de werkgever dan, rond de periode van 1 jaar, Spoor 2 moeten inzetten, omdat er geen vooruitzicht zou zijn op vast – structureel – (thuis)werk. Ook dat is uitgebleven. De loonsanctie houdt stand.
Tip
Het is goed voorstelbaar dat een werkgever denkt dat de re-integratie goed verloopt als een zieke medewerker vrijwel alle uren werkt. Ook al zijn die uren vanuit huis gemaakt, en wil de werkgever na afloop van de wachttijd dat de medewerker terugkeert naar kantoor. De regels vereisen een structurele voortzetting van het werk indien dat mogelijk is. Hier blijkt dat mogelijk, alleen niet op de door de werkgever gewenste locatie. Dat pakt voor de werkgever uit als een heel kostbaar besluit.
Heb je vragen over werknemersverzekeringen, ziekte of arbeidsongeschiktheid? Neem dan contact op met mr. Joyce B.E. Paashuis via j.paashuis@fiscount.nl.